Узнайте, как использовать zelfvertrouwen в предложении на нидерландский. Более 12 тщательно отобранных примеров с переводами. Работает на Mate.
Hij heeft veel zelfvertrouwen.
Hij is best wel slim, maar heeft te veel zelfvertrouwen.
Ik heb nu meer zelfvertrouwen.
Hij heeft iets wat ik niet heb: zelfvertrouwen.
Hij liep niet over van zelfvertrouwen.
We hebben zelfvertrouwen.
Tom mist zelfvertrouwen.
Tom heeft zijn zelfvertrouwen terug gekregen.
Verlies nooit het zelfvertrouwen. Je kunt alles bereiken wat je wilt.
Wat een zelfvertrouwen!
"Ik kan niet toestaan dat zelfvertrouwen verandert in zelfgenoegzaamheid."
"Ik mag niet toestaan dat zelfvertrouwen verandert in zelfgenoegzaamheid."