Lernen Sie, wie man geskied in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 12 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
Heb je gisteren geskied?
Heeft u gisteren geskied?
Hebben jullie gisteren geskied?
Ik heb nog nooit geskied.
Tom heeft nog nooit geskied.
Ze hebben de hele dag geskied.
Heb je afgelopen winter geskied?
Heeft u afgelopen winter geskied?
Hebben jullie afgelopen winter geskied?
Tom heeft geskied.
We hebben de hele dag geskied.
Tom heeft de hele dag geskied.