Lernen Sie, wie man gehuurd in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 13 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
In Parijs heb ik voor een maand een kamer gehuurd.
Waarom heb je me gehuurd?
Ik heb gisteren een auto gehuurd.
We hebben een kano gehuurd.
Ik heb een snowboard gehuurd.
Ze had liever een huis gehuurd dan zich met de huisaankoop zo diep in de schulden te steken.
We hebben een week een auto gehuurd toen we in Italië waren.
Tom heeft een film gehuurd.
Tijd kan nergens worden gehuurd, gekocht of anderszins verkregen. Het aanbod van tijd is volledig inelastisch. Hoe groot de vraag ook is, er kan geen groter aanbod zijn.
Heb jij een appartement gehuurd?
De journalist heeft een appartement gehuurd, dat heel duur is.
Waar heeft ze die auto gehuurd?
Wij hebben dat huis gehuurd.