Lernen Sie, wie man daarheen in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 43 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
Ik heb spijt dat ik daarheen gegaan ben.
Zeg me waarom je daarheen wilt gaan.
Loop eens daarheen!
Je moet de moeite niet doen daarheen te gaan.
Ik moet daarheen, wat je er nu ook over denkt.
Ik wil daarheen gaan.
Moet ik daarheen?
Met wie ga je daarheen?
Ik ben slechts daarheen gegaan.
"Kijk daarheen, papa, een haai!" "Dat is een walvis, Tom."
Ga daarheen en wacht op verdere instructies.
Jij beslist of we daarheen gaan of niet.
Jij bepaalt of we wel of niet daarheen gaan.
Ga daarheen!
Stuur me daarheen.
Sami ging daarheen met die bedoeling.
Sami is daarheen gegaan met die intentie.
Je hoeft de moeite niet te nemen daarheen te gaan.
Ik ga daarheen.
Ik zou in jouw plaats niet daarheen zijn gegaan.
Ga daarheen.
Daarheen!
Je ging daarheen.
U ging daarheen.
Jullie gingen daarheen.
Kijk niet daarheen.
Ik breng hem daarheen.
Ik breng haar daarheen.
Hij moet morgen daarheen gaan.
Niemand wil daarheen.
"Waar gaat u heen?" "Ik ga daarheen."
Ik vroeg jullie om niet daarheen te gaan.
Kunnen we daarheen gaan?
Waarom ging je daarheen?
Ben je vastberaden om daarheen te gaan?
Ze ging daarheen om met hem te praten.
Ik verbied je daarheen te gaan.
Ik kan je daarheen brengen.
Ik ben onderweg daarheen.
Vind je niet dat we daarheen hadden moeten gaan waar Tom wilde dat we heengingen in plaats van hierheen te komen?
Zij ging daarheen in plaats van hij.
Wat zou de rit daarheen met de taxi kosten?
Meer dan twintig jongens gingen daarheen.