Узнайте, как использовать zeiden в предложении на нидерландский. Более 100 тщательно отобранных примеров с переводами. Работает на Mate.
Honden kunnen niet praten, maar het leek alsof de ogen van het hondje zeiden: "Nee, ik heb geen thuis."
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden tegen ons dat we vanwege de sneeuw naar huis mochten gaan.
Перевести с нидерландский на английский
"Hoe ging het?" "Ze zeiden dat het een acute blindedarmontsteking was."
Перевести с нидерландский на английский
En zo raakte Pandark verloren in zijn kamer en zag men hem nooit meer terug. Sommigen zeiden dat hij van honger omkwam, anderen zeiden dat hij nog steeds ronddwaalt op zoek naar zijn cd's.
Перевести с нидерландский на английский
Mijn ouders zeiden mij dat ouderen moeten gerespecteerd worden.
Перевести с нидерландский на английский
Enkelen van hen zeiden ja, en de anderen neen.
Перевести с нидерландский на английский
Omdat zij Chinees praatten begreep ik niets van wat zij zeiden.
Перевести с нидерландский на английский
Zij ouders zeiden hem dat hij naar de universiteit moest gaan.
Перевести с нидерландский на английский
Enkelen van hen zeiden ja, anderen zeiden neen.
Перевести с нидерландский на английский
Verscheidene Esperantosprekers die van het Indonesisch houden, zeiden me: „Ik hou van die taal omdat ze heel erg op het Esperanto lijkt.”
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze dorst hebben.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze geen koffie dronken.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze niet wisten dat Johan dat zou moeten doen.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze zich verveelden.
Перевести с нидерландский на английский
Zij zeiden dat ze een jacht willen kopen.
Перевести с нидерландский на английский
Zij zeiden dat ze van pizza houden.
Перевести с нидерландский на английский
Zij zeiden dat ze van pizza hielden.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze van pizza hielden.
Перевести с нидерландский на английский
Dat is wat wij zeiden.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze gisteravond een ufo zagen.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze het heel druk hadden.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze kleurenblind waren.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze niet kleurenblind waren.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze kleurenblind waren.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze niet kleurenblind waren.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze zich zorgen om me maakten.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze dat eergisteren zouden gaan doen, maar ze hadden geen tijd.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze dat waarschijnlijk overmorgen zullen doen.
Перевести с нидерландский на английский
Ik begrijp alles wat jullie zeiden.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze echt blut waren.
Перевести с нидерландский на английский
Zeiden ze waarom?
Перевести с нидерландский на английский
Zeiden jullie iets?
Перевести с нидерландский на английский
Ik dacht dat jullie zeiden dat Tom een slager was.
Перевести с нидерландский на английский
Ik dacht dat jullie zeiden dat Tom en Maria slagers waren.
Перевести с нидерландский на английский
Sommigen zeiden openlijk dat het hun niet kon schelen wie de oorlog won.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze zich buitengesloten voelden.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze wat geld wilden.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze Frans willen studeren.
Перевести с нидерландский на английский
Tom en Maria zeiden dat ze zich moe voelden.
Перевести с нидерландский на английский
Ze zeiden dat ze hier gelukkig waren.
Tom en Maria zeiden me dat ze niets verkeerd hebben gedaan.
Rechercheurs zeiden dat Tom zijn vriendin had gewurgd.
Ze zeiden dat ze niet wilden zingen.
Tom en Mary zeiden dat zij dachten dat John altijd op maandag op zijn kantoor was.
Ze zeiden dat ze dat voor ons zouden doen.
Tom en Mary zeiden dat ze tevreden waren.
Tom en Mary zeiden dat ze dachten dat John gereed was om dat te doen.
Ze zeiden dat ze van pizza hielden.
Ze zeiden dat ze je dat nooit zouden laten doen.
Ze zeiden dat ze probeerden te winnen.
Ze zeiden dat ze klaar waren om te praten.
Tom en Mary zeiden dat ze het daarmee eens waren.
Ze zeiden dat ze geluk hadden.
Tom en Maria zeiden tegen Johannes, dat ze niet geloofden dat Elke in Boston was.
Tom en Mary zeiden dat ze de politie hadden gebeld.
Tom en Maria zeiden tegen Johannes dat ze gefrustreerd zijn.
Ze zeiden dat ze geen last van de warmte hadden.
Tom en Maria zeiden dat ze dat voor John zouden willen doen.
Tom en Maria zeiden dat ze kunstenaars waren.
Tom en Maria zeiden dat hun huis niet beschadigd was.
Tom en Maria zeiden dat ze het niet geloofden.
Ze zeiden dat dat niet was wat ze wilden.
Ze zeiden mij dat ze geen pindanoten konden eten.
Tom en Mary zeiden dat ze niet zwommen.
Wacht even! Jullie zeiden dat er geen geld was voor mijn salaris of voor mijn pensioen, maar opeens hebben jullie miljarden gevonden om de banken te redden?
Tom en Maria zeiden dat ze morgen niet zo vroeg op hoefden te staan.
Tom en Maria zeiden dat ze met ons naar Boston wilden gaan.
Tom en Maria zeiden me dat ze wilden gaan.
Ze zeiden dat ze stomverbaasd waren.
Tom en Maria zeiden dat ze dachten dat ze dat vandaag konden doen.
Ze zeiden dat ze het niet meer gingen doen.
Tom en Maria zeiden dat ze in bed wilden ontbijten.
Ik begreep alles wat jullie zeiden.
Tom en Maria zeiden dat ze dachten dat ik dat mogelijk vandaag moest doen.
Mijn ouders zeiden dat ze de meeste van hun kerstcadeaus al online hebben gekocht.
Tom en Maria zeiden dat ze klaar waren om te gaan.
Tom en Maria zeiden dat ze het niet nog eens hoefden te doen.
Ze zeiden dat ze niet betaald werden.
Ze zeiden dat ze niet werden betaald.
Ze zeiden dat ze iemand hebben horen snurken.
Ze zeiden dat ze het niet wisten.
Yanni en Skura zeiden ja.
Tom en Maria zeiden dat ze dat op enig moment vandaag moesten doen.
Ze zeiden dat ze van plan waren te gaan.
Ze zeiden dat ze in de handboeien waren geslagen.
Ze zeiden tegen me dat ik contact met u moest opnemen.
Tom en Mary zeiden dat ze met je willen praten.
Gisteren kwam ik Maria tegen op straat; ze vertelde me haar nieuws en we zeiden dat we zaterdag uit zouden gaan.
Ze zeiden dat ze het niet koud hadden.
Ze zeiden dat ze niet klaar waren om naar huis te gaan.
Ze zeiden dat ze geen vlees eten.
Ze zeiden dat ze geen hond hadden.
Tom en Marie zeiden dat ze heel blij waren dat John dat deed.
Tom en Marie zeiden dat het hun echt speet.
Ze zeiden dat ze verdrietig waren.
Ze zeiden dat ik kon gaan.
Tom en Mary zeiden dat ze van plan zijn maandag te gaan.
Ze zeiden dat ze niet erg goed kunnen zingen.
Tom en Mary zeiden dat ze zouden liever niet naar John's partij gaan.
Ze zeiden dat ze dat gratis zouden doen.