Lernen Sie, wie man deal in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 12 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
Hij ging een deal aan met de duivel.
Tom besloot een deal te sluiten met Mary.
Dat is een buitengewone deal.
Oké, het is een deal!
Waarom maakte ze die deal?
Het is een deal!
We hebben eindelijk een deal gesloten.
Wat een mooie deal!
Deal?
Het is een deal.
Dat klinkt als een deal.
Ik betwijfel dat Tom de deal kan sluiten.