Door scha en schande wordt men wijs.
Ik zou liever sterven dan mijzelf te schande te maken.
Arm zijn is geen schande.
Wie zijn naasten te schande maakt, onteert zichzelf.
Wat een schande!
Armoe is geen schande.
De daden van IS zijn misdaden tegen de menselijkheid en een schande voor het geloof dat de groep verkondigt.
Die schande kun je me niet aandoen!
Het is geen schande om te zeggen dat je het niet weet.
Schande!
Die leent heeft schade of schande.
Dit is een schande!
Tom is een schande voor zijn familie.
Wat er gebeurd is, was een schande.
Ziri heeft de stam te schande gemaakt.
Hij maakte de familie te schande.
Het is een absolute schande voor ons Amerikanen.
Het is triest om een mens te zien tot zo'n punt afdalen. Wat een schande!
Of we spelen beter, of we lijden opnieuw de schande van degradatie.
Wat een schande.