Lernen Sie, wie man zonk in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 13 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
De Titanic zonk tijdens haar eerste vaart. Ze was een groot schip.
Het schip zonk in zee.
Haar ring viel in een rivier en zonk naar de bodem.
De galei zonk in een stormweer.
Het schip zonk met bemanning en al.
Het schip zonk tijdens de storm.
Ik zonk.
Je zonk.
Tom zonk.
Hij zonk.
Zij zonk.
Maria zonk.
In 1912 zonk de Titanic naar de bodem tijdens zijn eerste reis.