Lernen Sie, wie man zaaien in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 9 handverlesene Beispielsätze mit Übersetzungen. Kostenlos und mobilfreundlich.
Jullie kennen de uitdrukking, dat we oogsten wat we zaaien. Ik heb de wind gezaaid en hier is mijn storm.
Je moet zaaien naar de zak.
Zwaar, heel zwaar valt het zaaien, maar zoet en gezegend zullen de vruchten zijn. Groot en belangrijk is uw rol. De hele Esperantowereld kijkt naar u en verwacht veel van u.
Wij zaaien.
Boeren zaaien in de lente.
Eerst zaaien, dan oogsten.
We oogsten wat we zaaien.
De lijsterbes bloeit. Het is tijd om vlas te zaaien.
De lijsterbes is aan het bloeien. Het is tijd om vlas te zaaien.