schoonzus kelimesini Felemenkçe bir cümlede nasıl kullanacağınızı öğrenin. 8'den fazla özenle seçilmiş örnek.
Alle verwanten van mijn vrouw zijn mijn schoonfamilie, en dus is haar broer mijn schoonbroer, haar zus is mijn schoonzus, mijn broer en zus zijn haar schoonbroer en schoonzus.
Alle familieleden van mijn vrouw zijn mijn schoonfamilie, en dus is haar broer mijn zwager, haar zus is mijn schoonzus, mijn broer en zus zijn haar zwager en schoonzus.
De schoonzus van een ouder is een tante.
Zij is de schoonzus van Maria.
Mijn schoonzus is Nederlands.
Dat is een cadeautje van mijn schoonzus.
Dat is een geschenk van mijn schoonzus.
Is ze je schoonzus of je zus?